Op pad met vrijwilliger Adrie Megens

Adrie is als padcoördinator trots op het Brabants Vennenpad

Achttien markeerders
Hij praat bevlogen en enthousiast over het Brabants Vennenpad. Het pad dat door een authentiek stukje Brabant loopt met riviertjes als de Dommel. Langs broekbossen, akkers en mooie dorpen. Dat garant staat voor mooie wandelingen door bossen, langs vennen en over de heidevelden van de Kempen. Eerst als markeerder, maar sinds 2008 als padcoördinator zorgt Adrie Megens samen met achttien markeerders dat de route gemarkeerd is met de bekende geel/rode markering. “Ik geeft iedere markeerder zeggenschap over zijn eigen stukje route en laat ieder in zijn waarde waarbij ik probeer de juiste persoon in het juiste gebied aan te stellen”. Zo heeft hij voor het gedeelte van de route dat door België loopt iemand aangesteld met een zachte stem die zo bij het Belgische taaltje past. Hij weet waarover hij praat en tussen elke vraag door, komt hij telkens weer bij de schoonheid van het Brabants Vennenpad.

Problemen oplossen
“Het Plateaux in het Belgische gedeelte en de Stabrechtse Heide zijn voor mij de mooiste stukjes van het pad.” Hij karakteriseert het pad met drie trefwoorden: natuur, vennen en heide. Problemen kent hij echter ook, zoals de mogelijke integratie in het netwerk van wandelknooppunten in Noord-Brabant en de gevolgen die dat soms heeft voor de route. Maar met tact en argumentatie lost hij problemen op. Hij haalt twee voorbeelden aan. “In de gemeente Bladel liep het pad over een stuk boerenland wat telkens door de boer werd omgeploegd. Overleg met een ambtenaar van de gemeente loste het probleem op en uiteindelijk werd het stukje grond zelfs natuurgebied. Ook in het Leenderbos bij Heeze was een gedeelte van de route opgebroken. Het pad was afgesloten op een terrein van Brabant Water. Na goed overleg is met een bulldozer het gebied weer opengemaakt en de route hersteld.” Hij geniet zichtbaar van dit soort succesjes en komt met meer anekdotes die hij als padcoördinator meemaakte.

Blauwe Gentiaan
Op de Neterselsche Heide had hij het zeldzame plantje de Blauwe Gentiaan langs de route ontdekt. Een plantenkenner wilde zijn verhaal niet geloven tot hij vol trots de deskundige kon overtuigen. Bij de Moerkuilen bij Sint-Oedenrode werd hij met zijn kistje met markeerspullen achter op de fiets argwanend gevolgd door een boswachter. Die dacht dat hij fretten ging stropen tot hij zijn verfkwast tevoorschijn haalde en met markeren begon. En langs de Dommel in Eindhoven wilde een fietsend echtpaar geïrriteerd over de route fietsen tot hij uitleg over het Brabants Vennenpad gaf en er begrip was voor deze wandelroute.

Met rugzak en tent
Vrijwilliger zijn is voor hem een mooie tijdsbesteding waarbij hij belangrijk vindt om de markeerders lol in hun werk te laten houden. Dat is voor hem de belangrijkste eigenschap die een padcoördinator moet hebben, naast mensen enthousiast maken voor dit werk. Hierbij kijkt hij met de ogen van een wandelaar naar het pad. Hij geniet dan van de natuur en probeert zich in de wandelaar te verplaatsen. Hij heeft niet voor niets vier keer het gehele Brabantse Vennenpad gelopen. Met rugzak en tent en 's avonds op een brandertje zijn eigen prakkie koken. Want wandelen is voor hem anders dan fietsen: “Van een fiets kan de ketting aflopen, dat probleem heb je niet met wandelen.” Met trots vertelt hij dat het pad te lopen is zonder gids en ziet het als een succes dat het pad nagenoeg alleen over onverharde paden gaat. Daar wil hij zich sterk voor blijven maken, nu en in de toekomst.

Steun ons