Nationaal Park Nieuw Land: nieuwe natuur op oude zeebodem
In 2026 nemen we je mee naar de Nationale Parken (NP). Elke maand bezoeken we samen met medewerkers of andere betrokkenen één van de eenentwintig parken. We ontdekken wandelmogelijkheden en horen en zien wat er in dat Nationaal Park te beleven is. Deze maand bezoeken we het op één na jongste Nationaal Park van Nederland: Nieuw Land. Evert Aldewereld is Gastheer van dit Nationaal Park. Met hem wandel ik een paar ommetjes vanuit het Natuurbelevingscentrum De Oostvaarders in Almere, aan de rand van de Oostvaardersplassen.

Uitzicht vanaf de uitkijkheuvel © Marleen Lekkerkerk
Uitgestrekt moerasgebied
Nationaal Park Nieuw Land bestaat officieel sinds 2018 en wordt gevormd door een aantal deelgebieden: de Oostvaardersplassen, de Lepelaarplassen, het Markermeer en de Marker Wadden. Het omvat in totaal zo'n 29.000 hectare natuur, waaronder ongeveer de helft van het Markermeer. Het Nationaal Park dankt zijn ontstaan aan het grootste inpolderingsproject ter wereld: de drooglegging van Flevoland. Na de drooglegging van Zuidelijk Flevoland in 1968 bleef er een dieper en natter gedeelte over tussen drogere delen waar de steden Almere en Lelystad op gebouwd zouden worden. Het was de bedoeling dat in dit lage en natte gebied een industrieterrein ontwikkeld zou worden, maar bij het droogvallen van het gebied kwam er samen met het uitgezaaide riet spontaan een uitgestrekt moerasgebied tot ontwikkeling waar grote aantallen vogels zich meteen thuis voelden. De aantallen van soorten als grote zilverreiger, baardmannetje en grauwe gans waren destijds ongekend voor ons land. Vanwege de ontstane natuurwaarden werden de pogingen tot ontginning beëindigd en is het definitief natuurgebied gebleven; de Oostvaardersplassen waren een feit.
In de jaren '80 en '90 zijn Heckrunderen, Konikpaarden en edelherten uitgezet om het gebied te begrazen. Zij hebben een voorkeur voor de drogere delen; in de nattere delen zorgen de ganzen dat het gebied openblijft. Maar het gebied veranderde dusdanig van karakter dat Staatsbosbeheer heeft besloten tot een grote 'moerasreset'. Door onder andere de ganzenvraat verdween de afgelopen jaren een groot deel van het riet en werd de Grote Plas steeds groter. Om de voor vele vogelsoorten belangrijke rietvegetatie te herstellen was het nodig om het waterpeil in het moeras te verlagen, zodat het rietzaad op de kale moerasbodem weer kon kiemen en het riet zich weer kon uitbreiden. Juist het vele riet en de variatie in waterpeil maken de Oostvaardersplassen, samen met de rust en de grootte van het gebied, tot een vogelparadijs.

Heckrunderen en grauwe ganzen in de Oostvaardersplassen © Evert Aldewereld
Wandelen naar uitkijkheuvels
Evert wandelt vaak in dit gebied, ook met groepen. Hij laat mij een aantal wandelommetjes zien waarbij je langs uitkijkheuvels komt, van waar je een mooi uitzicht hebt over het westelijk deel van de Oostvaardersplassen. We lopen vanaf het Natuurbelevingscentrum over een breed pad het gebied in. Langs het pad staan allerlei soorten struiken waarvan sommige voorzichtig de eerste blaadjes laten zien. De sleedoorns bloeien nog met talrijke witte bloemetjes. Evert vertelt dat hij in dit gebied als wandeltrainer naast blootsvoets wandelingen en Chiwandelingen ook 'kruidenwandelingen' organiseert, waarbij hij de deelnemers laat voelen dat brandnetels onderaan de bladeren best zacht aanvoelen.

Bloeiende sleedoorns langs het pad © Marleen Lekkerkerk
Richting de uitkijkheuvel maken de struiken plaats voor meer open terrein. In het riet tussen het pad en het water zien we vele paadjes die dieren hebben gemaakt om water te kunnen drinken. Welke dieren dat zijn wordt verraden door de grote tweedelige hoefafdrukken, misschien van edelherten, maar waarschijnlijk van de Heckrunderen. Op één plek ligt ook een pluk haar, een centimeter of vier lang, grijs en zwart met lichtbruine puntjes. Als je maar goed kijkt zie je overal sporen van de dieren die er leven. Het is maar een klein klimmetje naar de 'Jan v/d Boschheuvel', maar we hebben er toch een mooi uitzicht over het water met de mooie wolkenlucht erachter.

Evert geniet van het uitzicht op de Jan v/d Boschheuvel © Marleen Lekkerkerk
We maken het rondje af en na het Natuurbelevingscentrum gaan we een smaller pad in: het Frans Verapad, genoemd naar een bioloog en natuurbeschermer, die betrokken is geweest bij de natuurontwikkeling van de Oostvaardersplassen. Langs de oevers heb je een weids uitzicht op de vlaktes waar je vaak de grote grazers kunt zien lopen. Je ziet ook dat hier wordt gewerkt. Tot in 2027 wordt het zogenaamde 'poortgebied' verder ingericht met waterpartijen en recreatievoorzieningen, ook voor kinderen. Evert: "Men wil de mensen op deze manier de mogelijkheid bieden om het gebied te beleven, zonder de natuur te verstoren." We komen bij de volgende uitkijkheuvel. Met de rug naar het Kotterbos kun je hier ook, over de spoorlijn heen, over de vlaktes heen kijken. Boven Almere-Buiten hangt een grote donkere wolk van een regenbui. Er vallen een paar druppels uit, maar verder houden we het droog.

Evert met achter hem het Kotterbos © Marleen Lekkerkerk
We gaan weer terug onder de spoorlijn door en nemen hetzelfde Frans Verapad weer terug. Op de terugweg zie je toch altijd weer andere dingen dan op de heenweg. Over een paar weken zitten er vast veel meer kleine vogeltjes in het riet; nu hoor ik alleen nog een rietgors.

Wandelen aan de rand van de Oostvaardersplassen © Marleen Lekkerkerk
We sluiten af met wat lekkers te drinken in het Natuurbelevingscentrum. Ondanks dat het maandag is, zijn de plekken bij het grote raam allemaal bezet. De ganzen zwemmen hier dan ook bijna onder je door. Het gebouw is elke dag van 10.00 - 17.00 uur geopend. Behalve horeca kun je op de verdiepingen erboven meer te weten komen over het gebied en de dieren die er leven. Met verrekijkers kun je vanuit het 'Kraaienest' ver het gebied in kijken.
Wil jij ook wandelen met Evert? Kijk op Aldefit.nl
Deze Roots-wandeling Nationaal Park Nieuw Land loopt precies in het gedeelte waar ik met Evert wandelde (15,5 km, niet gemarkeerd).