‘Zodra je de onverharde paden op gaat, wordt het stil’
Op een zonnig terras in Amsterdam praat Twan Huys opvallend rustig over smalle bergpaden op 2500 meter hoogte, pijnlijke blaren en snurkende kamergenoten. Hij is druk met de promotie van zijn recent verschenen boek Het Droompad en vertelt uitgebreid over de 555 kilometer lange wandeltocht van München naar Venetië die hij samen met zijn zoon volbracht.

Twan Huys op het Droompad © Twan Huys
Over wandelen en vertragen op het Droompad
Speciaal voor Wandelnet blikt Huys terug op zijn avontuur dwars door de Alpen. Wat begon als een bijzondere vader-zoonreis, groeide onderweg uit tot iets veel persoonlijkers. In dezelfde periode overleed zijn vader, later ook zijn moeder, ontwikkelde zijn zoon zich tot een volwassen jongeman en bleek wandelen meer los te maken dan hij vooraf had verwacht.
“Het was eigenlijk het spannendste boek dat ik kon schrijven,” zegt Huys. “Omdat ik nog nooit zo persoonlijk was geweest.”
En juist daardoor onderscheidt Het Droompad zich van veel andere wandelverhalen. Geen heldhaftig bergsportverslag, maar een eerlijk verhaal over afzien en de manier waarop wandelen alles langzaam lijkt te verzachten.

Pauze bij een beekje op de berg © Twan Huys
Waarom wilde je juist dit verhaal vertellen?
“Omdat het het spannendste was wat ik kon doen. Mijn vorige boek, Wandellust, was veel meer een interviewboek waarin ik anderen interviewde. Maar dit avontuur met mijn zoon voelde anders. Ik wist ook helemaal niet hoe het zou aflopen.
Ik vond het eerlijk gezegd behoorlijk eng om over mezelf te schrijven. Zeker omdat het onderweg steeds persoonlijker werd door het overlijden van mijn vader en later ook mijn moeder. Daardoor werd het uiteindelijk veel meer dan een wandelboek. Het is meer een familiekroniek geworden.”
Je zegt dat je geen klassiek heldenverhaal wilde schrijven. Waarom niet?
“Ik vertelde ooit op een avond aan iemand dat ik een boek over deze tocht wilde maken. Toen zei een vriendin meteen: ‘Ik háát dat soort boeken. Vooral van mannen. Altijd van die heldenverhalen over hoe geweldig ze zijn.’
Dat bleef hangen. Want ik wist al snel: wij waren helemaal geen superwandelaars of bergbeklimmers. We waren amateurs die zich regelmatig vergisten. Dus dacht ik: dan moet ik ook eerlijk zijn over alles wat misgaat. Over de blunders, de onzekerheid, de momenten waarop we dachten: waar zijn we aan begonnen?”
Het ging al snel mis onderweg.
“Ja, zeker. Vooral die eerste etappe was pittig. We gingen weliswaar getraind en goed voorbereid te bergen in, maar veel ervaring hadden we nog niet. Op dag drie had Jack enorme blaren, wespensteken en een soort allergische reactie. Het was echt een rampdag. Ik vroeg mij af of ik er wel goed aan deed om Jack mee te nemen op deze tocht.
Maar het bijzondere was: toen we eindelijk bij de hut aan kwamen en veilig binnen zaten, brak het noodweer los. Andere wandelaars kwamen compleet overstuur binnen. Mensen zeiden letterlijk: ‘Ik ben blij dat ik nog leef.’ Dan besef je ineens hoe klein je bent in de bergen.”

Wandelen over rotsen en door een waterval © Twan Huys
Waarom zetten jullie dan toch door?
“Omdat we allebei geen opgevers zijn. Ik wist dat wel van mezelf, maar bij Jack had ik dat natuurlijk nog nooit onder zulke omstandigheden gezien. Ik vind het heel dapper dat hij ook wilde doorzetten. Hij zag het echt als avontuur van ons tweeën.
Vanwege het weer hebben we ook een keer een etappe ingekort. Een moeilijke, maar verstandige beslissing. Dat voelde voor mij wel als een nederlaag. Misschien ook omdat ik wist dat ik er een boek over wilde schrijven. Je wilt toch niet alleen maar mislukkingen beschrijven. Maar achteraf ben ik juist blij dat ik alles eerlijk heb opgeschreven.”
Je hield onderweg een dagboek bij?
“Ja, iedere avond schreef ik in mijn wandeldagboek. Want wandelen doet iets geks met herinneringen: het poetst de scherpe randjes weg. Uiteindelijk onthoud je vooral de mooie beelden. Daarom wilde ik het vastleggen zolang alles nog vers was.”
Het boek gaat niet alleen over wandelen, maar ook over familie. De tweede etappe braken jullie af omdat je vader kwam te overlijden. En kort na jullie wandelavontuur overleed ook je moeder. Hoe heeft het overlijden van je ouders de tocht (en daarna het boek) beïnvloed? “Voordat Jack en ik aan de tocht begonnen, wisten we natuurlijk nog niet wat ons te wachten stond. We hebben de tweede etappe eerder moeten afbreken in verband met het overlijden van mijn vader en Jack's opa. Ondanks dat het een verdrietige gebeurtenis was, heeft het de wandeling ook een bijzondere lading gegeven. Mijn ouders hebben het wandelen mij en mijn zus Peet met de paplepel ingegoten. Op zondag moesten we ’s ochtends mee naar de kerk, en daarna ook gaan wandelen in en rondom de bossen bij Horst [Noord-Limburg, red]. Destijds vond ik dat verschrikkelijk saai.
Jaren later heeft het wandelen me toch te pakken gekregen. Het is een heel ontspannen manier om gesprekken te voeren en de omgeving echt te beleven. Daarom vond ik het ook zo mooi om deze tocht met mijn zoon te maken. Je leert elkaar op een heel andere manier, en vaak ook veel beter, kennen.
En dat is ook precies waar veel lezers op reageren. Ik krijg ontzettend veel berichten van mensen die zichzelf herkennen in die familiekant van het verhaal. Soms omdat ze ook zo’n tocht met hun zoon of dochter hebben gemaakt. Soms omdat ze tijdens een wandeling afscheid moesten nemen van een ouder.
Wandelen raakt heel snel aan grotere levensvragen. Misschien juist omdat je onderweg letterlijk afstand neemt van de dagelijkse drukte.”

Weidse vergezichten op het Droompad © Twan Huys
Die dagelijkse drukte speelt voor jou sterk mee. Je beschrijft jezelf als 'nieuwsverslaafd'.
“Ja, absoluut. Ik ben gewend om continu bezig te zijn met actualiteit, politiek, Amerika, nieuws. Maar in de bergen valt dat allemaal weg. Soms heb je letterlijk geen bereik. Dat vond ik verrassend prettig.
Ik merk nu alweer hoe druk alles geworden is met optredens en interviews rond het boek. Dan verlang ik echt terug naar zo’n tocht. Naar dagen waarop alleen het lopen belangrijk is.”
Kun je die rust ook in Nederland vinden?
“Jawel. Bijvoorbeeld op het Krijtlandpad [Streekpad 7, red] in Zuid-Limburg. Zodra je een dorp uitloopt en de onverharde paden op gaat, wordt het stil. Het glooiende landschap daar is prachtig!”
Wandelen is de afgelopen jaren in populariteit gegroeid. Hoe kijk je daarnaar? En wat vind je ervan dat jouw boek misschien wel bijdraagt aan meer wandelaars in de natuur en rondom recreatiegebieden?
“Het feit dat wandelen zo populair is geworden, vind ik een geweldige ontwikkeling. We zijn als mens biologisch gezien gemaakt om te lopen. We zijn het alleen verleerd. Lopen en wandelen is goed voor je. Niet alleen fysiek, maar ook mentaal.
Bovendien zijn wandelaars vaak rustige mensen die respectvol omgaan met de natuur en hun omgeving. Alleen op plekken met veel recreatiemogelijkheden kan het druk zijn. Maar zodra je het pad volgt en de natuur in trekt, valt die drukte al gauw weg.
En wat ik misschien nog wel het mooiste vind: wandelaars begrijpen elkaar heel snel. Er ontstaat onderweg bijna automatisch contact. Dat herken je overal – of je nou in de Alpen loopt of in Limburg.”
Het Droompad is (rood)-wit-rood gemarkeerd. Samen met de app en de wandelgids hielp de markering om niet te verdwalen. Lange-Afstand-Wandelpaden in Nederland zijn ook wit-rood gemarkeerd. Je schrijft in je boek dat je je afvraagt hoe het onderhoud van die, soms onbegaanbare paden, gedaan wordt.
“Klopt ja, ik heb ongelofelijk veel respect voor mensen die de paden onderhouden! Niet alleen in de Alpen, maar ook in Nederland. Zeker hier [in Nederland, red] zijn de routes ongelooflijk goed georganiseerd en bewegwijzerd. Dat vinden we vanzelfsprekend, maar dat is het natuurlijk helemaal niet.
Al die vrijwilligers die markeringen onderhouden, paden controleren en routes bijhouden: dat is enorm belangrijk werk. Dankzij hen kunnen mensen onbekommerd wandelen. Veel mensen realiseren zich dat niet.”

Rood-wit-rode markering op het Droompad © Twan Huys
Als mensen na het lezen van jouw boek zelf willen starten met wandelen: waar moeten ze beginnen?
“Ik zou het klein houden. Mensen denken meteen aan enorme expedities, maar dat hoeft helemaal niet.Het Krijtlandpad in Zuid-Limburg, waar ik met Pasen nog met familie wandelde, is bijvoorbeeld perfect. Prachtige omgeving, goed gemarkeerd, genoeg plekken om te eten en overnachten. Boek twee overnachtingen en ga lopen.
En als je iets avontuurlijker wilt: er zijn in de Alpen ook korte huttentochten van drie dagen die prima te doen zijn voor beginners. Echt waar: het is veel toegankelijker dan mensen denken.”
Je hebt er een mooi wandelavontuur op zitten met je zoon. Hij heeft het wandelvirus nu ook te pakken en gaat binnenkort met vrienden de bergen in. Begint het bij jou ook weer te kriebelen?
“Ja, stiekem wel. Mijn dochter zei laatst ineens dat ze misschien samen een tocht in Amerika zou willen maken. Toen begon mijn fantasie meteen te werken.
Maar ook dichterbij huis zijn prachtige wandelingen te doen, denk aan de omgeving bij Doorn, Tiengemeten, Terschelling, de Veluwe, de Schoorlse Duinen en de bossen waar mijn roots liggen: nabij Horst in Noord-Limburg.
Dat is misschien ook wat wandelen doet: zodra je thuiskomt, begint ergens alweer het verlangen naar een volgende tocht.”
Over Het Droompad
Het Droompad (Twan Huys, 2026) is een persoonlijk verhaal over een avontuurlijke wandeltocht van vader en zoon, van München naar Venetië. Het boek gaat over vaderschap, rouw en de verzachtende kracht van wandelen. Tijdens de reis worden niet alleen kilometers afgelegd, maar ook stappen gezet in het verwerken van verdriet en het koesteren van herinneringen. Het boek staat op nummer 1 van de bestseller-top 60 en in de top 5 van de Libris boeken-top 10.
Het boek is nu te bestellen in de webwinkel van Wandelnet. Bestel jouw exemplaar uiterlijk 1 juli 2026 voor €24,99 en profiteer van gratis verzending met couponcode DROOMPAD. Of word donateur en ontvang altijd 10% korting in onze webwinkel.